Trees en Suze hebben het verbazend druk, want zij zijn beide met haar poppen den geheelen zomer in Noordwijk geweest. En nu is het niet te gelooven, zóóals Lijs, Lotje, Pierrot, Dies en de jongens Pim en Pom zich hebben vuil gemaakt en dan
de kleine Bodo met zijn hondje Li. :Die hebben zeker den geheelen dag schelpjes gezocht langs de zee, ze zien er uit, neen maar.

Suze heeft in Noordwijk al dikwijls lachend gezegd tegen Trees: „Laten de kinderen hier maar ravotten, zooveel als ze willen, maar dat beloof ik je, als we weer thuis zijn, dan zal ik alles eens flink een beurt geven." En hoe pleizierig ze het ook in Noordwijk vond, in stilte had ze al naar de waschpartij verlangd. Heerlijk,
ze zou dan het kuipje van Griet vragen, zooals verleden zomer en dan als een echte waschvrouw overal lijnen spannen om 't goed op te hangen, om het te laten drogen. Ze zou dan de poppen wel zoolang oude kleeren aantrekken als de beste in de kuip stonden.

„Pim en Pom's pakjes, hoe zul je daarmee doen? Kunnen die gewasschen worden?" vraagt Trees.
„Wel nee, zulke donkere jongenspakjes worden nooit gewasschen, die moeten maar flink afgeborsteld, dat is net een werkje voor jou."
„Ik vind wasschen veel leuker," zegt Trees.
„Ja, maar allebei tegelijk aan de waschkuip staan, dat gaat toch moeilijk.
Weet je wat, haal jij maar eens een emmer met warm water. Ik denk, dat ik straks Li ook eens in de kuip stop. Och, lieve tijd, kijk dien woelwater Pim weer eens op zijn neus liggen. Die kan nu geen oogenblik stil zitten," en juist wil Trees lachend het popje opzetten, als er tegen de schutting wordt geklopt.
Trees holt er heen, om te zien, wie er is.


„O, Meta, ben jij daar? Suus en ik hebben 't zóó druk, je weet het niet. Al ons poppengoed moet gewasschen."
„Ik wilde je juist komen vragen, of je met mij mee wilt." zegt Meta teleurgesteld. „Ik heb zoo'n leuk serviesje gekregen.
Ma heeft gezegd, dat we daar samen thee uit mogen drinken. Toe, ga maar mee."
„Ja maar — weifelt Trees, die de waschpartij met Suze wel leuk vindt, maar toch óók lust heeft, met Meta mee te gaan.
„Ga jij maar gerust met Meta mee," zegt Suus, die het prettiger vindt geheel alleen de poppenwasch in orde te maken, want met je beiden wasschen gaat toch niet. Eigenlijk gezegd, vindt ze Trees ook nog wel wat klein om mee te helpen.„Goed, dan ga ik maar met Meta mee, en neem Rieta mee, „jij hebt hier nog kindertjes genoeg," zegt ze lachend tot Suze.„Dat dunkt me," lacht Suze.
„Nu ben je mijn meid, die de wasch klaar moet maken en op de kinderen passen," zegt Trees. „Dat is best, dan ben jij de mevrouw, die op theevisite gaat. Dag, mevrouw," lacht Suze.
„Dag, Suze, zul je goed op de kinderen passen en goed om Pierrot denken, dat hij niet in den emmer met water valt?" „Ja zeker, mevrouw, veel plezier."
Trees en Meta gieren van de pret en loopen vroolijk weg.

 

 

 

„Och, wat een leuk serviesje is dat," zegt Trees opgetogen. „Ja, kijk eens, ma heeft, toen ik jou ging halen, alles gevuld, kijk, suikerpot, theepot en melkkannetje."
„Wat heb jij een dwergentafeltje," lacht Trees.
„De poot van mijn tafeltje is gebroken, daarom heb ik het serviesje op deze kist gezet."
„Leuk," vindt Trees.
„Houd nu je kopje maar eens op, dan zal ik inschenken. Kijk de thee eens mooi bruin zijn."
„Echt," vindt Trees. Mag ik nu straks eens inschenken?"
„Dat hoort niet zoo, die visite heeft, schenkt in."
„Dat weet ik wel, maar ik heb er toch zoo'n zin in. Weet je wat, ik zal vragen, of je morgen bij mij mag komen," zegt Trees.
„Graag," zegt Meta. „Jij hebt ook een mooi serviesje, hè?"
„Ja, 'k heb een op mijn verjaardag gekregen, groen met een gouden randje."
„Mag je kindje ook een kopje thee?"
„O neen, volstrekt niet, thee is geen kinderkost."
„Als ik morgen bij je kom, neem ik ook een pop mee."
„Neem dan Greta met het mooie, lange haar mee. We gaan dan gezellig met de poppen spelen.
Mijn meid," lacht Trees, „heeft dan alle poppenkleertjes al gewasschen natuurlijk."

Maar als Meta den volgenden morgen bij Treesje komt, weet Trees niet, wat ze ziet, in plaats van de pop met het lange haar draagt Meta op haar schouders een leelijke houten lijs.

„Hè, waarom heb je Greta niet meegenomen?"
„Och," zegt Meta en even trilt haar lipje, alsof ze zal gaan schreien, „toen jij gisteren bij mij een kopje thee dronk, raad eens, wat zus toen gedaan heeft? Mijn mooie pop alle verf van het gezichtje gewasschen en het haar afgeknipt en het geheele jurkje kletsnat gemaakt en zichzelf ook. Ma was erg boos op zus; want ze weet heel goed,
dat ze volstrekt niet met water mag knoeien."

„Wat vind ik deze pop van jou leelijk," zegt Trees.
„'t Is eigenlijk grootma's pop."
„Je grootma's pop?" Trees schatert het uit. „Speelt jou grootma dan nog met poppen?"
„Nee," zegt Meta een beetje boos, omdat Trees zoo lacht, „maar toen grootma een klein meisje was, hadden alle kinderen zulke houten poppen. Ma heeft deze pop altijd heel netjes bewaard en omdat zus mijn mooie pop bedorven heeft,
heeft ma mij deze nu gegeven. Ma heeft gezegd, dat ik heel voorzichtig met Klaasje moet zijn, omdat grootma en ma er vroeger mee gespeeld hebben."

„Omdat Klaasje visite is," zegt Trees even later, „mag zij 't mooiste plaatsje in den wagen hebben. Kijk eens, heeft Suze de Heertjes van Lies en Lottie niet
prachtig gewasschen, alles is nog niet droog en moet nog maar wat in het zonnetje blijven hangen."

Eerst drinken Trees en Meta thee uit het mooie serviesje. Trees schenkt natuurlijk in, daarna spelen ze heerlijk met de poppen, tot het helaas tijd is voor Meta om naar huis te gaan. „Hè," zegt Trees, als Meta Klaasje weer op de schouders zet, „als jou Klaasje eens praten kon, wat zou ze dan veel kunnen vertellen."
„Nu, óf; want ze is met grootma en ma zeker ook wel op theevisite geweest," lacht Meta. „Nu dag!" Vroolijk huppelt ze naar huis.

 
   
 

 


naar inhoud gelukkige uurtjes naar index